BK Antwerpen 2017

BK Antwerpen 2017

Foto Youri Bultynck

Het BK Antwerpen 2017…

Ik reed mijn eerste elite BK in 2009. Sindsdien is er veel veranderd.

Het vrouwenwielrennen kreeg grote ronden zoals oa The Women’s Tour, een prestigieuze wedstrijd waar het publiek in rijen dik de rensters komen aanmoedigen. We kregen de World Tour. De maximum afstand werd opgetrokken naar 160km. Grote mannenploegen begonnen ook een gelijknamig vrouwenteam met gelijkaardig materiaal.

Er veranderde veel en maar goed ook. Het internationale niveau ging de lucht in.

Ik volgde gisteren het NK en het FK, respectievelijk op NOS en FR3, live op tv. Ik, wielerfans maar ook jonge meisjes zagen Chantal Blaak naar de overwinning rijden op het Nederlandse Kampioenschap. Mede door dat gemis in mijn jeugd ontdekte ik het wielrennen pas toen ik 16 was. Op dat vlak is er dus weinig veranderd.

Soit, dit der zijde, terug naar het BK Antwerpen 2017.

2017 dus.

In België rijden we ons BK om 8u, en dit al jaren. Ik ergerde mij deze week zelf nog blauw aan rensters die, op social media, opnieuw moesten zeuren over het startuur. Waarom nog klagen? Dit is al jaren zo dacht ik. En nu, een paar uur na het BK, besef ik plots dat het went. Het went van steeds gewend te zijn om als renster minder van tel te zijn en plaats te moeten maken voor de mannen. Maar wanneer komt er dan verandering? België, het wielerland, loopt mijlen achter.

Nu ja, als werkmens is 8u geen uitzondering. Ontbijtje binnenspelen om 6u, startblad tekenen rond 7u30, vertrek om 8u maar nog eerst snel een plaspauze. Toiletten, euhm ergens? “Jullie toiletten bevinden zich achter het podium” kregen we te horen van de organisatie. Surprise, 3 gezellige Dixi’s, voor een peloton van 106 rensters (gelukkig niet de 153 die ze hadden voorzien).

Eens ons stressplasje achter de rug was begaven we ons naar de start. Na een week van tropische temperaturen was het koud. Vestje aan dus. 3min voor de start vestje uit. “Door omgewaaide dranghekken wordt de start met 10min uitgesteld” zei de microman. Tiens, lagen die een halfuur geleden ook al niet omver? De politie had het blijkbaar te druk, achteraf bleek oa met het berispen van renster Eva Maria Palm die haar identiteitskaart niet bijhad bij het verkennen van het parcours (no shit?) en met het opzetten van één of andere publiciteitsboog. Prioriteiten stellen natuurlijk! Die dames, die wachten wel.

 

Met nog een aantal aarzelingen konden we dan ein-de-lijk van start gaan. 4km neutralisatie, oertraag. Het duurde niet lang toen er gevallen werd, op de gevreesde tramsporen. Door de jungle dat Antwerpen geworden is (er liggen meer straten open dan dat er toegankelijk zijn – toplocatie voor een wielerwedstrijd dat duizenden mensen zou moeten lokken) hadden weinig rensters verkend. Voor mij was het ook een verrassing. Wachten op de slachtoffers (Palm kreeg blijkbaar geen hulp van de organisatie) en na veel geduld konden we er dan toch nog aan beginnen… De rensters maakten intussen grapjes. “Ale, zouden ze de koers nu nog is inkorten met een rondje? Straks moeten de mannen nog hun startuur verlaten. God behoede dat zoiets gebeurt.” Want we herinneren ons allen de flop van vorig jaar nog waarbij de vrouwen niet volgens plan op tijd binnen waren.

De koers, kermiskoers, was 102km lang. Euh kort. Worldtour wedstrijden liggen tussen de 120 en 160km. Laat het dan geen verrassing zijn dat buiten D’hoore en Kopecky weinig rensters aansluiting maken met de wereldtop.

Eens thuisgekomen (mijn eigen wedstrijd is voor een ander postje) keek ik naar de “uitgebreide samenvatting” zoals Sporza het zelf noemde. De samenvatting begon op 19km van het einde. Van het verlate startuur, de valpartij van Cant, de eerdere ontsnappingspoging van D’hoore en kompanen geen sprake. Onze koers begon blijkbaar op 19km van het einde. Met cameraposities waarmee je als student journalistiek nog geen eindwerk zou willen inleveren werden de vrouwen in beeld gebracht. De commentaar werd, zoals jaarlijks, verzorgd door de grootste zeur (sorry) van de sporttelevisie. Moest ik even weinig kennen van het vrouwenwielrennen als Michel Wuyts dan zou ik ook wegzappen bij het horen van zijn gejammer. Hij kent er niets van. Zijn vocabulaire gaat niet verder dan Vos, Cant en D’hoore (toegegeven bij de mannen gaat het niet verder dan Boonen en Nys). Interesse is 0,0. “Meisjes” aan de haard is het gevoel dat hij teweegbrengt. Please Sporza, doe er iets aan!

Dat het Belgisch vrouwenwielrennen niet te vergelijken is met de mannen profs moet je mij niet uitleggen. De meeste vrouwen werken fulltime. Sommigen zijn (alleenstaande) moeder. De mannen moeten enkel met de fiets rijden en worden er nog voor betaald ook. Daar kunnen die mannen uiteraard zelf niets aan doen. Het is hun gegund. De mannen die wel voor verandering kunnen zorgen, doen het echter niet.

Kortom Wielerbond Vlaanderen, stad Antwerpen, Sporza; het is 2017! Doe er verdomme iets aan!

Tara

 

Foto: Peter Geleen

 

 

 

Voorjaar 2017

Voorjaar 2017

“Long time no see” zoals ze zeggen…
Het vorige seizoen of zeg maar het afgelopen jaar in zijn geheel had ik slecht verteerd en wou ik liefst zo snel mogelijk doorspoelen. Nu het eindelijk terug de goede richting uitgaat met mij, heb ik ook de “goesting” teruggevonden om iets neer te pennen.

Ik mocht, tegen velen hun mening in, mijn contract verlengen bij Lares-Waowdeals en dat zorgde voor motivatie. Heel veel motivatie. Met een beter plan van aanpak, een trainer (Pascal Cloudt) en twee trainingskampen in februari heb ik mij op een betere manier dan vorig jaar kunnen voorbereiden op het seizoen. Tot mijn verbazing kon ik in Calpe mijn mannetje staan tussen de profs van de ploeg.

Door wat persoonlijke perikelen lukte het me echter niet om meteen de toon te zetten in de eerste wedstrijden, integendeel. In mijn eerste koers, Omloop Van Het Hageland ging ik tegen de vlakte . Twee weken nadien werd ik genadeloos naar huis gereden in mijn eerste Worldtour dit jaar, de Ronde van Drenthe. Het lukte mij maar niet om in mijn ritme te komen en mijn verhuis (ik verhuisde naar Haaltert) maakte het er niet beter op.

Intussen is mijn appartementje bijna klaar en gaat het op de fiets ook de goede richting uit. In Schellebelle reed ik mijn eerste mooie uitslag met een 8ste plaats als resultaat. Ik miste nipt het Oost-Vlaamse podium aangezien de wedstrijd dubbelde als Provinciaal Kampioenschap. In Malderen (ook PK Vlaams-Brabant) reed ik naar een 7de plaats en had ik, indien ik niet van Provincie was veranderd, kampioen van Vlaams-Brabant geworden. Toch een klein beetje een bittere pil daar ik al jaren die trui probeerde te bemachtigen. In Gooik-Geraardsbergen-Gooik kon ik me handhaven in het peloton maar door de achterstand die we hadden op de koplopers diende gans het peloton de wedstrijd vroegtijdig te verlaten. Jammer, maar voor het eerst in lange tijd had ik een goed gevoel op de Muur van Geraardsbergen.

De laatste weken was mijn team in een “winning mood” waardoor het bij mij ook begint te kriebelen om steeds beter te doen.

Mijn eerstvolgende doel is het Belgisch Kampioenschap te Borgerhout eind juni waar ik hoop op een goed resultaat! Hiervoor staan er ook nog enkele mooie kermiskoersen op het programma in eigen streek.

Programma:
5 juni – De Pinte
10 juni – Belsele
11 juni – Diamond Tour in Nijlen UCI 1.1
17 juni – Erembodegem-Terjoden
18 juni – Prosperpolder
20 juni – Schellebelle
25 juni – BK Borgerhout

 

Ola Madrid!

Ola Madrid!

Ken je dat gevoel dat je zo blij bent met iets waardoor je het niet luidop durft te vernoemen uit angst dat ze je dan plots gaan vertellen dat het toch niet waar is? Toen ik het nieuws vernam van mijn ploeg dat ik zou starten in de Madrid Challenge (WorldTour, afwachtingswedstrijd van de Vuelta) heb ik een week of twee gezwegen uit schrik. Je weet nooit dat er nog iets zou tussenkomen, toch?

In de dagen voorheen ons vertrek zou ik wel nog de Lotto Belgium tour rijden. Dankzij onze sponsor, hotel La Pomme d’Or in Oudenaarde hadden we een prima uitvalsbasis voor deze koers. In de laatste rit, op vrijdag in Geraardsbergen, besloot ik niet voluit te gaan met oog op de wedstrijd in Madrid op zondag. 2x de Muur en 2x de Bosberg verteren was voor mij in ieder geval te veel van het goede. Ik besloot mezelf niet op te blazen en moest de rol al lossen op de Berendries.
Ploegmaatje Monique verbleef vrijdagnacht bij mij zodat we dan op zaterdagochtend sneller konden afzakken naar Zaventem. Amper hersteld van de Lotto Tour kwamen we in Madrid aan. Terwijl ik anders zo enthousiast ben om een nieuwe stad te bezoeken, zo enthousiast was ik nu om meteen in mijn bed te kruipen. Een dutje tot 19u, eten om 20u en opnieuw in bed om 22u30. Nope, geen tijd om de toerist uit te hangen.

Op zondagochtend begon het dan bij mij, stress! Na een eerste ontbijt ging ik even op de Tacx, om dan nadien terug aan te schuiven voor ontbijt nummer 2 (coureurs kunnen goed eten). Na een korte bespreking trokken we dan met de fiets richting wedstrijd.
Wauw! De straten van Madrid, boulevards, afgesloten voor ons om op te koersen! Tijdens onze verkenning liep er al een massa volk, iets wat je in België gewoon niet meemaakt. De verkenning was een kleine domper voor mij. Want shit, dat gaat hier omhoog? Mijn benen en gevoel zijn al een gans jaar niet wat ze geweest zijn en de minste helling kan dodelijk zijn.

Het startschot werd gegeven en we vertrokken voor een verkenningsrondje. Ik hoorde velen de vraag stellen die ook in mij opkwam: “Is dit een verkenningsronde, zo snel?”. Toen het definitieve startschot gegeven werd voelde je de zenuwen en het geduw. De eerste ronden kon ik mezelf vooraan handhaven, ook al was dat niet het oorspronkelijke plan. Ik had als opdracht om zoveel mogelijk in beeld te komen. Laat nu net de laatste plek in het peloton zijn dat evenveel in beeld komt dan de eerste. Eens ik het gevoel had dat ik het tempo aankon, en een eerste kleine schifting gemaakt was, liet ik mij verder uitzakken tot de laatste positie. Tot mijn grote verbazing kon ik goed volgen en vond ik mezelf minder ‘harken’ dan sommige rensters rondom mij. En ja hoor, daar was de cameraman, die mijn poep goed in beeld bracht. Altijd leuk voor de sponsors (en het thuisfront).

“Still two laps to go” hoorde ik bij het passeren van de streep. Is’t al bijna gedaan?? De wedstrijd was voorbij gevlogen, misschien niet verwonderlijk gezien het tempo van 43.1km/gemiddeld. Op één ronde van het einde kreeg ik in mijn oortje de melding om op te schuiven en Monique te helpen. Op het enige ‘heuveltje’ in het parcours gebeurde het dan, een grote valpartij. Fietsen vlogen langs alle kanten, ik wat ingesloten tegen de hekken. Het peloton ging niet meer stilvallen en ik zou niet meer kunnen aansluiten. Helaas. Achteraf gezien bleek dat ploegmaat Sarah betrokken was bij de val en dat Monique in haar eentje richting sprint trok. Ze kon een mooie 7de plaats behalen, toch knap tussen zulke kanonnen in haar eentje.
Ik kon dus mijn allereerste WorldTour koers starten én uitrijden. Voor de meeste rensters daar een evidentie, voor mij een droom! Ik heb de ‘goesting’ om te koersen terug te pakken en hopelijk kan ik ook nog in de laatste koersjes van het seizoen knallen! Tot op de koers?
Foto’s met dank aan Krist Vanmelle

Vierkant

Ik had nog geen update neergeschreven sinds Argentinië. Ik hoopte namelijk op goed nieuws maar bij gebrek hieraan zal ik jullie toch maar even informeren…
Zucht.

Na mijn ‘bewogen’ trip naar Argentinië keek ik er naar uit om me voor te bereiden op het Belgisch wegseizoen. Helaas werd ik amper 3 dagen na aankomst in eigen land opnieuw ziek, griep deze keer. Van 40 graden in San Luis terugvallen op -3 in Brussel doet wel wat met je lijf. Het duurde echter weken om mezelf terug wat menselijk te voelen. Een week voor ons vertrek naar Spanje (trainingskamp) liet ik men bloed nog controleren. Ik kreeg groen licht en weg waren we weer.
Na echter weinig of geen heropbouw had ik achteraf gezien beter naar mijn lichaam moeten luisteren. Vanaf dag 1 moest ik achter de feiten aanlopen. Ik zie mijn ploegmaten als ploegmaten en niet als concurrenten maar ik moet je niet vertellen hoe frustrerend het is om niet mee te kunnen. Klagen kan ik niet want zelfs onze kopvrouw duwde me letterlijk vooruit en ging zelfs colaatjes halen aan de volgwagen :-). De (ploeg)sfeer was in ieder geval top.

Halfweg onze stage voorspelde onze ploegleider nog onheil en hij had gelijk. Een dag na de rustdag was iedereen misschien net iets minder gefocust. In een afdaling gleed Monique weg, in een oogopslag ging ik zelf ook onderuit. Hoe of waarom weet ik niet. Wellicht een olievlek.
Nu, enkele weken later heb ik er een “mooi” litteken aan overgehouden op mijn kin en ben ik intussen 9 kinébeurten verder voor mijn schouderblessure. Al bij al veel geluk gehad dat het niet erger was maar opnieuw ‘ne krak’ in het koppeke.

Intussen zitten er al enkele wedstrijden op maar nog steeds draait alles vierkant. Mijn hartslag heeft in de laatste weken nog geen enkele keer de 150 aangetikt en toch word ik naar huis gereden. Op den duur weet je het letterlijk zelf niet meer…Overtraind of juist te weinig getraind?
Na veel gesprekken met de mensen rondom mij heb ik besloten om na het PK tijdrijden van morgen (05/04) een rustperiode in te lassen met enkel duurtrainingen. Hopelijk kan ik dan zo opnieuw opbouwen en nog iets moois maken van een jaar waarvan ik veel meer had verwacht.
MAAR om met een positieve noot te eindigen, het seizoen duurt nog lang ;-). Dankjewel aan ploegmaatjes, ploegleiding, collegaatjes & supporters die me zijn blijven oppeppen de laatste weken! Zot om iedereen zo te zien meeleven en dat deed zeker deugd!

Het is nog niet gedaan met mij ;-). I’ll be back.

Van zweten naar bevriezen

Back home!

Ik had de bedoeling om enkele tussentijdse updates te plaatsen vanuit Argentinië maar een slechte wifi verbinding en ziekte staken daar een stokje voor.

Waar was ik?

Daags na ons eerste verkenningsrondje besloten we een langere training af te werken. Kapitein Sarah (Inghelbrecht) zocht een leuk rondje op met daarin de slotklim van etappe 6. Deze klim zal ons op de voorlaatste dag voorgeschoteld worden op het einde van de rit. We zagen onderweg ongelofelijk veel (groen) moois. Wat past dat mooi bij onze groene outfit!?

Eens op de desbetreffende klim moest ik mijn ploeggenoten laten rijden. Amai, kan het nog zwaarder? Als mindere klimmer trok ik mij op aan het feit dat deze klim pas op het einde zou komen en dus binnen tijd finishen zeker haalbaar moet zijn.

Onderweg voelden we ons wel een beetje bekeken. Argentijnen zijn blijkbaar grote fan van het dameswielrennen? Automobilisten vertraagden om foto’s te nemen. Voetgangers draaiden zich om en haasten zich om hun gsm boven te halen. Te zot voor woorden!

De dag nadien was het de laatste dag voor onze eerste wedstrijd. Tijd voor een ‘coffeeride’. We maakten een klein rondje en zouden afsluiten met een koffie op het plein van San Luis… Tot Lotte plots op een verschrikkelijk misplaatst paaltje ten val komt. Ieders hart stond toch even stil op dat moment. De Merckx fiets, gehavend en met sporen van het gele paaltje. Lotte, van slag en in shock tegen de stoeprand. Politie en burgers meteen ter plaatste en klaar om de ambulance te bellen. Want ja, in Argentinië zitten ze wel in met wielrensters zo blijkt.

Gelukkig zonder al te veel schade, een schaafwondje hier en daar, besloten we allen samen terug te keren naar het hotel. Tijd voor wat oplapwerk en voorbereidend werk op onze eerste wedstrijd.

Zaterdagochtend werden we wakker van de regen die op de ruit tikte. Regen in Argentinië? Om 11u gingen we van start in de 3de Gran Prix van San Luis. Met 140 rensters werden we over smalle en vooral gladde wegen weggeschoten. Straten stonden op sommige plaatsen letterlijk blank. Een scherpe bocht lag dan weer onder het zand. Al snel na het startschot bleek dat de grote ploegen voor een schifting wouden zorgen. Een langgerekt peloton brak op verschillende plaatsen. Ik, die afgelopen nacht om 4u met buikkrampen nog op toilet zat, had geen power in de benen. Na amper 3 ronden reed ik doorweekt naar ons busje, voorzien door de organisatie. Over en out. Gaat dit heel de reis zo zijn?

Na wat gebeuk met mijn hoofd tegen de wand van het busje besloot ik om te supporteren voor mijn teamgenoten en de teleurstelling even door te slikken.

Sarah werd knap 7de in deze toch wel slopende wedstrijd!

De volgende dag waren we klaar voor de eerste rit van Tour de San Luis! De eerste rit bedroeg 110km, een tussensprint en 3 bergprijzen (in totaal 4 bergjes van 3de categorie). Ik moest en zou finishen want opgeven was nu geen optie, dan zou ik de dag nadien niet meer mogen starten. Ik voelde me de eerste kilometers top en kon mooi voorin handhaven. Wauw wat een verschil met gisteren? Ik wist dat ik de eerste klim na 18km en de tussensprint na 30km moest overleven om binnen tijd te finishen vandaag. Tot mijn verbazing zat ik bij het ingaan van de plaatselijke ronden nog mooi mee voorin. In deze ronden moesten we telkens nog een klim verteren. De eerste keer moest ik de rol lossen maar kon ik terugkomen. Op de volgende klim was het dan definitief over. Ik kon in een groepje van 15 binnenbollen op 18min van de winnares. Sarah I. liep me tegemoet: “Kelly is 3de!!”. Jepla, het eerste UCI podium is al meteen een feit!

 

 

Op zondag vertrok de 2de rit, deze keer volledig vlak, in het centrum van Vila Mercedes. Snikheet, met een temperatuur die opliep tot maar liefst 37 graden (!) werden we weggeschoten voor 97km. Na amper 12km was de eerste tussensprint waardoor het meteen vlammen was. De eerste schifting had ik overleefd alhoewel deze meisjes allemaal opnieuw later kwamen aansluiten. Eens Sarah terugkeerde van een lekke band, volgde ik mee naar de voorste gelederen van het peloton. Door de hevige tegenwind lag de snelheid laag maar in waaiers rijden blijft toch steeds duwen en trekken. Door de hitte begon ik bijna tegen mezelf te praten: ‘Waar blijft die bebouwde kom toch? Ik heb schaduw nodig!’. Pas na ongeveer 94km reden we opnieuw het centrum binnen en was het met de gas open richting finish. Mijn vooropgestelde doel van het peloton op’t lint te trekken in het voordeel van onze kopvrouw Kelly smolt letterlijk weg. Met het truitje volledig open bolde ik met 2minuten achterstand binnen. Kelly die nog half koers ten val kwam en hierbij haar hand bezeerde, kwam moegestreden over de meet als 10de! Karakter!

 

Maandagochtend 6uur. Ik werd wakker met verschrikkelijke buikkrampen. Nog is omdraaien, en nog is en nog is maar nee slapen zat er niet meer in. Ik sloop de kamer uit richting receptie en kon maar net op tijd de lift uitlopen richting toilet… Tot groot jolijt hadden mijn darmen nu ook een bondgenoot gevonden in mijn maag die besloot er alles uit te gooien. Een uur later, ik intussen terug in mijn bed, hoor ik Lotte bijna schreeuwend op de gang. Idem dito voor Lotte. Ziek, zieker, ziekst. Nog nooit zo ziek geweest in mijn leven. Op handen en voeten van bed naar badkamer en terug. Meer zat er niet meer in. Met pijn in mijn hart gaf ik forfait voor de 3de rit. Starten? Ik dacht er niet meer aan! Chapeau voor Lotte die toch nog besloot om de lange transfer van 2 uur te maken richting de 120km lange wedstrijd en deze aan te vangen. Nee, ik had het niet meer gekund.

Vanonder mijn lakens keek ik noodgedwongen naar de TV. Gelukkig werd de wedstrijd live uitgezonden of ik had de muren opgelopen van verveling. Na 30km zie ik een ploeggenoot de rol lossen, het is Lotte.

Na de wedstrijd werd duidelijk dat er nog meisjes niet gestart waren door ziekte. Was het het eten, de warmte of de vuiligheid die we binnen hadden gekregen tijdens de regenachtige wedstrijd op zaterdag? We zullen het nooit weten.

Het duurde nog een dag of 3 voor ik mijn eetlust terugkreeg en ik mezelf weer wat beter voelde. Op de dag voor ons vertrek kon ik, samen met Lotte, wel nog een mooie training van 4 uur afwerken. Een waterijsje, op de foto met meneer Pozzato, kijken naar watervallen en een babbel in ons beste Spaans met één van de locals die de koers op de voet volgde. Het was een perfecte dag om mee af te sluiten!

 

Na een afterparty die op poten werd gezet door de organisatie was het tijd om afscheid te nemen.

Sarah I, Sarah R, Kelly en Dorleta behaalden allen nog mooie resultaten waardoor het team op een geslaagde campagne kan terugkijken.

Ondanks de mindere momenten heb ik getracht er het beste van te maken. De groepssfeer was top en dit was een ervaring om nooit meer te vergeten!

Bedankt aan de ploeg & de sponsors om ons met topmateriaal naar Argentinië te sturen!

 

Maandag rond 23u arriveerden we terug in België. Wat is het hier koud!!!

Omdat beelden meer zeggen dan woorden, zal ik volgende week nog een filmpje posten over ons Argentijns avontuur!

 

Next: ploegvoorstelling op 21/01 en onze eerste ploegentraining op 23/01!

 

 

 

 

 

Viva Argentina

Als enige Belgische team kregen we een maand of twee geleden te horen dat we mochten starten in de ronde van San Luis, Argentinië. Nog groter was de verrassing dat ons team, dat nog maar net van start is gegaan, ook zal mogen deelnemen aan de ronde van Qatar in februari. ‘Coming in with a bang’ noemen ze dat dan. Lares-Waowdeals staat meteen op de kaart.

Afgelopen maandag was het eindelijk zo ver, we konden onze ‘biezen’ pakken en vertrekken naar warmere oorden. De laatste weken waren niet makkelijk. Ik moest mezelf extra zien te motiveren om te trainen in de koude en tijdens de late avonduren maar laat dat nu net de reden zijn waarom ik geselecteerd werd voor deze wedstrijd; om me een doel te geven om te trainen. Dat extra stukje cake heb ik dan ook graag laten liggen tijdens kerst en nieuwjaar.

Ondanks m’n hevige vliegangst stond ik te popelen om te vertekken. Eens in Zaventem aangekomen kwamen we toch wel niet Eddy Merckx tegen zeker? Eindelijk! Na tien jaar in het wielerwereldje te zitten werd het wel eens tijd dat ik hem mocht ontmoeten. Dit kan alleen maar een goed teken zijn voor de komende dagen (hoop ik). Om 15u vertrokken we richting Frankfürt. Eens daar geland was het 6uur wachten op ons vliegtuig naar Buenos Aires. Veertien laaaaange uren later kwamen we aan in het warme Argentinië. Onze teamgenoten die van elders kwamen, Sarah uit Oostenrijk en Dorleta uit Spanje vervoegden ons daar. Na een nachtje in Buenos Aires doorgebracht te hebben mochten we opnieuw de vlieger op. Met alle teams van buitenaf Zuid-Amerika bezetten we het hele vliegtuig. Eindbestemming San Luis. Oef, we made it, na 52uur onderweg zijn!

Kort na de middag maakte onze mechanieker de fietsen klaar zodat we een eerste rondje konden maken. Putten, barsten, zand (veel zand) en vooral veel verkeerslichten (iedere 300m). Misschien moeten we de weg nog wat beter leren kennen?

Het nieuwe materiaal is in iedere geval goedgekeurd. Bedankt Kask Helmets, Edco Wheels, Doltcini, Eddy Merckx, QM,… En natuurlijk onze top begeleiding :-).

Stay tuned!

Trapje hoger

Bij deze eindelijk nog eens een update. Seizoen 2015 zit er op!

Bij aanvang van dit seizoen dacht ik dat het misschien mijn laatste jaar zou worden. Uiteindelijk waren de resultaten beter dan gehoopt en kon ik opnieuw een stap vooruit zetten.

2014 was het eerste jaar dat ik kon afronden zonder blessures. Door nadien een goede winter te kunnen doormaken, heb ik wellicht de goede basis gelegd die ik nodig had voor een goed 2015.

Op 2 ‘dingetjes’ na heb ik al mijn doelen behaald. Een top10 plaats in een UCI wedstrijd zat er jammer genoeg nog niet in en het Belgisch Kampioenschap werd het dieptepunt van mijn seizoen. Na dat BK heb ik het toch moeilijk gehad om er opnieuw bovenop te komen en waren de resultaten minder.

Hoe dan ook zal ik vooral de hoogtepunten onthouden zoals mijn 2de plaats op het Provinciaal Kampioenschap in Malderen en mijn 2de plaats op het criterium in Eeklo. Verder mocht ik voor het eerst deelnemen aan een Franse rittenkoers, de Trophee D’or.

Kortom, ik mag mijn seizoen afsluiten met 10 top10 plaatsen en ben hier, voor mijn doen, zeer tevreden mee.

Ik wil alle supporters, sponsors, begeleiders, team, rensters etc bedanken voor een fantastisch jaar!

Bij deze wil ik dan ook mededelen dat ik de kans gekregen heb om het op een hoger niveau te proberen. Ik wil mijn team, De Sprinters Malderen bedanken voor hun steun en de kansen die ik gekregen heb. Het waren twee ongelofelijk mooie jaren! Volgend jaar zal ik uitkomen voor het nieuwe Lares-Waowdeals UCI Team!

Tot in 2016 ?!

Eerste seizoenshelft

Voorjaar

We zijn nu al meer dan halfweg het seizoen en ik kan niet klagen over de resultaten. In de voorjaarsklassiekers kwam ik nog wat te kort, wat voor mij normaal is door gebrek aan tijd. In Dwars Door De Westhoek (eind april) kwam ik al vroeg in de wedstrijd zwaar ten val. Ondanks de gekneusde rib en enkel kneuzingen op mijn been, reed ik de week nadien m’n eerste top10 plaats in Boortmeerbeek. Er waren 3 rensters voorop geraakt en ik sprintte mezelf naar een 4de plaats van het peloton, 7de in de uitslag dus.

 

Zilver op het PK

Twee weken later, op 16 mei reed ik m’n allereerste top20 plek in een UCI wedstrijd ooit, ik werd 19de in de massasprint te Houthalen (Maarten Wynants trofee). Vanaf dan was het pieken richting het Provinciaal Kampioenschap eind mei. Deze wedstrijd werd georganiseerd door de voorzitter van onze ploeg. Vanaf de eerste ronde raakte ik voorop met nog 4 andere rensters. We konden de hele wedstrijd voorop blijven en sprinten om de zege. Het beste was er jammer genoeg af bij mij en ik werd 5de. De wedstrijd werd gewonnen door de Nederlandse Kim De Baat voor Kaat Hannes. De enige andere Brabantse in de kopgroep, Annelies Vandoorslaer werd 3de waardoor ik dus 2de werd van mijn provincie. Maaike Poelspoel vervolledigde het PK podium.  Het harde werken werd beloond.

 

2de plaats criterium GP Stad Eeklo

Eind mei stond dan de zware wedstrijd Gooik-Geraardsbergen-Gooik op het programma. Jammer genoeg zat ik net wat te ver geplaatst op de Muur waardoor ik het eerste pak moest laten rijden. Na 120km zat mijn wedstrijd er op. Enkele dagen later besloot ik nog last-minute naar het criterium in Eeklo te trekken, een nieuwe wedstrijd op het programma bij de dames. Een mooie organisatie maar een teleurstellende opkomst. Ik wist dat ik, door het kleine deelnemersveld, de wedstrijd zelf ging moeten hard maken. Na enkel keren te demarreren kon ik wegblijven en kreeg ik na 1 ronde versterking van 3 andere rensters waaronder ploegmaat Sarah. Met 4 reden we naar de finish. Ik, met een tekort aan ervaring in zulke situaties, zette m’n sprint van te ver aan en werd met een grote marge geklopt door Evelyn Arys. Uiteraard was ik wel zeer tevreden met m’n 2de plaats.

Twee weken later kon ik opnieuw postvatten in de juiste ontsnapping, in Belsele. In een kopgroep van 13 werd er gesprint om de zege. Ik werd 9de. Een dag later werd ik in een zeer hectische en gevaarlijke wedstrijd bij de profs 28ste in de Diamond Tour Nijlen.

In de laatste wedstrijd voor het BK, georganiseerd door één van onze hoofdsponsors (GP Van Eyck Erembodegem) werd ik mooi 5de in de massasprint.

 

Teleurstellend BK

Afgelopen weekend werd het BK verreden in Tervuren. Het doel was om beter te doen dan mijn 11de plaats van vorig jaar in Wielsbeke. Helaas werd het voor mij een totale off-day, een serieuze teleurstelling om te verteren. Ik heb hier lang naar toegewerkt en het is moeilijk te vatten dat het dan plots zo slecht kan gaan. Te weinig geslapen in de week voordien, een ontbijt dat op m’n maag lag en wellicht mezelf te veel druk opgelegd. Voor sommige wedstrijden ben ik te relax, voor andere wedstrijden loop ik te stressen. Ik ben dan ook een persoon van vele uitersten :-). M’n vooropgestelde scenario dat er 20 à 30 rensters zouden wegrijden op de Horenberg kwam uit maar ik was er zelf niet bij. Met nog 1 ronde te gaan verliet ik gefrustreerd te wedstrijd, de teleurstelling was te groot. Ik besloot dan ook om een week rust in te lassen om alles te laten bezinken. Hopelijk kan ik de komende weken nog enkele mooie resultaten rijden. Binnen 2 weken staat mijn eerste meerdaagse van het seizoen op het programma, de Beneladies Tour met 4 etappes. In augustus neem ik deel aan de Trophee D’or en in september eindig ik m’n seizoen met de Lotto Belgium Tour.

 

Goulash met friet (deel 2)

Het was vrijdagochtend. Normaal was ik al onderweg naar de ronde van Luxemburg (GP Elsy Jacobs) maar door mijn val van de week voordien besloot ik om thuis te blijven. Ik had een rib gekneusd en ademen ging nog steeds moeizaam. Voor de rest zag mijn lichaam er uit als een waterverf schilderij met blauwe ondertoon. Daarbij wou ik Dorottya liever zelf naar haar eerste wedstrijd brengen. Na lang twijfelen gooide ik ook mijn fiets in de koffer. We zien wel, dacht ik. Dorottya viel onderweg naar de koers in slaap, blijkbaar had ze niet veel last van stress. Zelf ben ik een ongelofelijk ‘stresskieken’. Eens aangekomen op de wedstrijd begeleidde ik haar naar de inschrijving. Daar stond ik dan, tussen de nieuwelingen en de junioren. Toen de wielerbond mij bijna om mijn licentie vroeg maakte ik duidelijk dat ik alleen maar meekwam als vertaler/tolk.

Toen ik haar om haar truitje vroeg zodat ik het rugnummer kon opspelden gaf ze mij haar trui met lange mouwen. “Nenee, I need your shirt for the race, you know short sleeves’, maakte ik duidelijk wijzend naar mijn korte mouwen. Dorottya had enkel dit truitje mee. “Too cold” zei ze. Bij een temperatuur van bijna 20°C ging ze van start.

De wedstrijd bleef zoals vaak bij de dames jeugd volledig gesloten. Bij bijna iedere doorkomst was er een premie te verdienen maar dat verstond zij natuurlijk niet. Toen ik riep om te sprinten kreeg ik enkel een lach terug van haar. Ik weet intussen dat dit wilt zeggen dat ze het niet begrepen heeft. Bij elke tussensprint kwam ze als 2de, 3de renster over de meet. Ze gaf mij dus de indruk dat ze nog wat over had. Met een compact peloton kwamen ze de laatste bocht door. Toen ik mij intussen zelf aan het aankleden was voor mijn wedstrijd zag ik haar van op een afstand naar een 4de plaats sprinten. Omdat één van de meisjes voor haar nog nieuweling was, werd zij dus 3de bij de junioren. Yes! Al meteen een eerste podiumplek. Zo fier als een gieter nam ik meteen een foto om naar het thuisfront te sturen. Ohja, ikzelf werd verrassend 7de bij de elites.

De dag nadien stonden Doro’s bloemen te pronken op de ontbijttafel. Aangezien er geen wedstrijd op het menu stond besloten we om er een leuke daguitstap van te maken. De Merckx & Ickx Expo in Brussel bezoeken stond al een tijdje op onze verlanglijst en nu konden we Dorottya eens rondleiden in de hoofdstad. Als je dacht dat iedere wielerliefhebber op aarde weet wie Eddy Merckx is dan heb je het mis. Voor Doro was Merckx een onbekende. Naast het wielrennen heeft Dorottya nog een passie, fotograferen. Ze gunde haar ogen de kost aan al de pronkstukken uit Merckx zijn carrière en maakte enkele mooie foto’s. “Merckx won 525 wedstrijden” vertelde ik haar. Zij kon haar oren niet geloven en Merckx heeft er een nieuwe fan bij.

Na een bezoekje aan de Expo bezochten we de stad. Eens aangekomen vond ik het toch moeilijk, dat rondleiden. Wat zou haar interesseren? Als je zelf al ontelbaar vaak in Brussel bent geweest dan heb je het wel gezien. Ik besloot dan maar de ‘Chineeskes’ achterna te gaan en haar Manneken Pis te tonen. Merckx kende ze niet maar Manneken Pis? “Ik heb al eens foto’s gezien van toen hij traditionele kledij aanhad uit Hongarije” zei ze.

Ze ging meteen in de rij staan toen ik haar vertelde dat het beeld van Everard ’t Serclaes geluk zou brengen bij het aanraken ervan. Wielrensters (& renners natuurlijk) blijven toch bijgelovige beestjes, niet waar? Na een blokje rondstappen wou ze al graag terug naar huis. “Ik stap normaal niet de dag voor een wedstrijd” zei ze. Tja, waar is de tijd naartoe dat ik ook nog zo redeneerde? Ik zou het me alvast nu niet meer ontzeggen om een dagje te gaan shoppen voor de wedstrijd. Die zware benen nemen we er met veel plezier bij!

Bekomen van ons “zwaar avontuur” in Brussel vertrokken we daags nadien naar Sinaai voor onze 2de wedstrijd van dit verlengde weekend. Het regende pijpenstelen, een zwaar contrast met afgelopen vrijdag. Met veel tegenzin stapte ze uit de wagen om haar klaar te maken. Lap, madam was haar regenlaarsjes vergeten. Als Belg liggen die regenlaarsjes standaard klaar in de ‘koersvalies’, voor Hongaren ligt dat toch net iets anders. Het moederinstinct in mezelf besloot dan maar om zelf met natte voeten te koersen. Je zorgt namelijk niet alle dagen voor een steratleet. Intussen had ik een dag de tijd gehad om Doro duidelijk te maken wanneer een tussenpremie wordt uitgereikt. Na enkele ronden werd duidelijk dat de boodschap was overgekomen. Maar liefst 4 ronden na elkaar werd haar naam afgeroepen als de winnaar van deze sprints. “Wow, she’s on a roll” dacht ik. De naam Dorottya Kanti was nu duidelijk gelanceerd. Er kon nog een renster nipt het peloton voorblijven en Doro had zich schijnbaar laten verrassen. Ze betaalde weer wat leergeld en bolde zo als 9de over de meet.

Na Doro’s wedstrijd was het mijn beurt bij de elites, ik werd 20ste.

Wordt vervolgd.